Kyudo wordt beoefend in traditionele Japanse kleding. Tijdens trainingen wordt een wit katoenen kimono shirt gedragen met een zwarte Japanse broekrok (hakama). Onder de hakama wordt een band (obi) om de heup gedragen die ondersteuning geeft aan de hakama en deze op zijn plaats houdt. De obi is meestal gekleurd en heeft soms een patroon, het is echter geen afspiegeling van het niveau van de Kyudoka. Binnen Kyudo worden geen zichtbare tekenen gedragen van het niveau van de Kyudoka zoals bij andere budo vormen zoals Judo of Karate. De kleding wordt afgemaakt met witte Japanse sokken (tabi), deze hebben een aparte grote teen en hebben een verstevigde zool. Sommige Kyudoka dragen (houten) sandalen (Zori) buiten de Dojo.
Vrouwelijke Kyudoka hebben de keuze tussen een zwarte of donkerblauwe hakama, die ze hoger dragen dan de mannen (om de middel). Er is ook een speciaal model 'rok' hakama beschikbaar voor vrouwelijke Kyudoka's, deze hakama heeft geen versteviging in de rug en wordt anders vastgebonden. Vrouwelijke Kyudoka dragen daarnaast tijdens het schieten een borstbeschermer (mune-ate).
Hogere gegradueerden (vanaf 4e dan) dragen tijdens ceremonies en examens een kimono en eventueel een andere kleur Hakama. De kleur van de kimono is voor mannen altijd donker en mag voor vrouwen kleurrijker zijn (afhankelijk van de leeftijd). Kimono's zijn soms voorzien van een, drie of vijf kleine (Japanse) heraldische familietekens (mon), maar nooit van andere 'versierselen'.
Mon van de Matsui familie
Nieuwe Kyudoka hoeven niet direct de correcte kleding aan te schaffen, deze is pas noodzakelijk bij het eerste examen. Het is echter wel gebruikelijk om, indien mogelijk, de kleuren van de kleding aan te passen aan de traditionele oefenkleding: een wit t-shirt, zwarte broek en witten sokken. Elke Kyudoka moet zorg dragen dat de gedragen kleding altijd netjes en schoon is.